Bart Demyttenaere

Met de dood voor ogen - Het belang van limburg

"Waarom leef ik (niet)?"

"Ça va, ik leef nog." De vraag zou dagdagelijks kunnen zijn: hoe is't? Maar Jans antwoord gaat dieper. Hij is 18, komt uit een depressie van jaren en méént het. Dàt hij nog leeft, is een overwinning, soms loopt het anders. Elke week pleeg immers één Vlaamse jongere tussen 12 en 18 zelfmoord. "Elke zelfmoord uitsluiten, kun je nooit", zegt Bart Demyttenaere, auteur van 'Met de dood voor ogen', een boek over zelfmoordgedrag bij jongeren. "Maar je moet het wel proberen. Het blijft een vreselijke smet op ons maatschappelijk blazoen."

Het is Demyttenaeres eerste boek niet over zelfmoord, zes jaar geleden publiceerde de Houthalenaar al 'De last van het leven'. Nadien volgde 'Spiegelschrift', een brievenboek rond hetzelfde thema. Nu is er dus 'Met de dood voor ogen'. Noodzaak? In de brief aan zijn broer Luk, die zich in '94 van het leven benam, schrijft Demyttenaere: Op de vraag waarom ik zo hardnekkig in de menselijke smurrie blijf wroeten, is het antwoord kort en krachtig: Luk. En iets verder: Ik kan geen ander onderwerp bedenken dat zo dicht tegen de essentie van alles aanleunt.."

Cohort-effect

Verontrustend zijn de cijfers. Elke week pleegt één Vlaamse tiener tussen 12 en 18 zelfmoord. En er is meer. "Er zijn ook wekelijks tussen de 100 en de 200 pogingen," zegt Bart Demyttenaere. "En dan spreken we nog niet over al die jongeren met zelfmoordgedàchten. Allemaal jongeren met zware gevoelens van depressie, je kan dat niet onderschatten, we spreken immers van twee jongeren in élke klas."

Vergelijkbaar cijfermateriaal met pakweg 50 jaar geleden is niet voorhanden, maar toch: onderzoeker spreken toch van een verdubbeling de laatste twee decennia. Preventiemedewerker Karl Andriessen van de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG) in Leuven en Brussel noemt het in Demyttenaeres boek het 'cohort-effect'. Met die term bedoelt men een bevolkingsgroep die in een bepaalde periode geboren is, zegt Andriessen. Er wordt momenteel druk nagedacht over het feit dat deze generatie jongeren suïcidaler zou zijn dan de vorige."

Liefdesverdriet

Vraag is: waarom? Bij generatie hoort het woord maatschappij. Is de druk anno 2006 te groot voor jongeren van wie men verwacht dat ze volop genieten van het leven? "Ik weet het niet," geeft Demyttenaere toe. "Ik weet alleen dat het een misverstand is om naar één aanwijsbare verklaring te zoeken. Vaak is het een amalgaam van redenen. Zeker is dat de jonge leeftijd in het nadeel speelt. Jongeren hebben nog geen referentiekader, problemen die volwassenen als voorbijgaand ervaren, kunnen dat voor jongeren niet zijn. Een voorbeeld? Liefdesverdriet bij iemand die op z'n 14de, bij de eerste grote liefde, verlaten wordt." Er zijn andere voorbeelden: problemen thuis, zwaar pestgedrag op school, druk van de maatschappij. "Het heeft vaak te maken met zekerheden die wegvallen. Om maar iets te zeggen: zelfs als een echtscheiding zogenaamd probleemloos verloopt, blijft het feit dat voor een kind de rust en de geborgenheid van het nest wegvalt. Dat is een verlieservaring waar vaak te weinig bij stilgestaan wordt."

Kinderziel

In 'Met de dood voor ogen' laat Demyttenaere jongeren getuigen. Jan bijvoorbeeld, 18 en vanaf z'n 12de depressief geweest mét regelmatig zelfmoordgedachten. Daar vertelt hij heel open over, ook Jans ouders laat Demyttenaere aan het woord. "Jan komt uit een heel warm gezin, maar ook daar gebeurt zoiets. Suïcidaal gedrag komt overigens in alle groepen van de bevolking voor. Wat me wel opvalt, is hoe die ouders daarop afgerekend werden. Als het met je kind niet goed gaat, wordt de schuld daarvoor vlug bij jou gelegd."

Dat is verschrikkelijk, dat doet pijn, het wordt ondraaglijk als je kind ook echt uit het leven stapt. Bijzonder aangrijpend vertelt Renild, de moeder van Michiel, over de zelfmoord van haar zoon. Negen jaar nadat ook haar man zelfmoord had gepleegd. Niemand kan zien wat er in de diepste plooien van een kinderziel omgaat, getuigt ze. Dat is pas verontrustend. "Zeer," knikt Demyttenaere. "Ze had niet door dat het zo erg gesteld was met haar zoon. Soms spelen mensen natuurlijk komedie en verstoppen ze hun suïcidaal gedrag."

Emotionele vaardigheden

In de zoektocht naar herkenning van die signalen ("ik heb met dit boek niemand een schuldgevoel willen aanpraten") drukt Demyttenaere op een paar rollen. Om te beginnen: die van onszelf. "Het is zeer belastend en confronterend omdat je met de essentie van het leven moet bezig zijn. Met de vraag: waarom leef ik, tussen haakjes 'niet'? Daar draait alles om en de mate waarin je empathie kan opbrengen en emotioneel intelligent genoeg bent, bepaalt of je die confrontatie aankan. Waarbij moet gezegd: zelfmoord is taboe, maar verdriet is dat nog veel meer." Waarmee we meteen bij de rol van het onderwijs zijn. "Er gebeuren goede zaken en je hoort me niemand iets verwijten, maar zelfmoordpreventie zou een deel van het schoolwerkplan moeten zijn. Het antwoord zal zijn dat ze al overvraagd worden, maar als gewone gezondheidsopvoeding vanzelfsprekend is, waarom dan niet geestelijke gezondheid? Misschien is een vak als 'emotionele vaardigheden' nog zo geen slecht idee."

(Rik Van Puymbroeck in Het Belang van Limburg, 25 januari 2006)