Bart Demyttenaere

Tante M - boekrecensie De leeswelp

Jeroen Defauw in De Leeswelp nummer 7/2009

De papa van Gijs en Lise krijgt een dringende brief van de notaris. Blijkt dat tante Margriet de geest gegeven heeft. Gijs en Lise kennen hun groottante niet, omdat ze teruggetrokken leefde in een rusthuis. De hele familie, zelfs de kinderen, moet samenkomen bij de notaris om de erfenis te regelen. Uit het testament blijkt dat de familie veel geld zal krijgen, op voorwaarde dat ze samen een weekend in een kasteel in de Ardennen doorbrengen. Daar moeten de familieleden een heleboel opdrachten oplossen. De opdrachten zijn voorbereid door de tante, en moeten leiden tot haar schat. Tijdens de eerste avond in het kasteel krijgt de familie een gigantische maaltijd voorgeschoteld: enorme dampende vleesschotels, een reusachtige berg groenten, en een dessertbuffet om u tegen te zeggen. Eén probleem echter: alles moet op! De ene vreemde opdracht volgt de andere op. Na een tijdje ontdekken Gijs en Lise dat tante M nog leeft. Ze houdt met vele verborgen videocamera's de familieleden stiekem in de gaten vanuit haar torenkamer. Ze ziet dit verrassingsweekend als een groot verjaardagsfeest ter ere van haar, met als uiteindelijke bedoeling zich te kunnen verzoenen met haar familie, waar ze al jaren geen contact meer mee heeft. Maar of dit zal lukkenb is een groot vraagteken.

Tante M staat bol van grappige figuren, bv. tante, die voor haar 84ste verjaardag niet gewoon in het rusthuis Bolmaaruit een zoveelste belachelijke vertoning van een flauwe clown, of een uurtje rolstoeldansen wil meemaken. De rest van de familie moet niet onderdoen: de stoere priester oom Sander, de workaholic en geldverslaafde oom Jan, de tweelingkleuters Jef en Toon die echte deugnieten zijn, enz. Het is een spannend en grappig verhaal waarbij vele herkenbare karakters een ludieke rol op zich nemen. Er is een goede afwisseling tussen tekst en illustraties. Het feit dat de twee hoofdrolspelers Gijs en Lise meer weten dan de anderen zorgt voor een extra dimensie. Het boek is ideaal om zelf te lezen vanaf acht jaar, maar ook om voor te lezen in de eerste graad van het lager onderwijs.